Opdracht 5 Je naam in spiegelschrift



1a.Schrijf  je naam in blokletters in spiegelschrift.

  b.Controleer met een spiegel of je je naam goed gespiegeld hebt.

 

Lukt het nog niet?

Oefen dan verder.

Laat aan je docent tijdens de les zien dat je je naam in spiegelschrift kunt schrijven.

 


 

 

2. Wat staat hier?

 

 


 

 

 

3. Wat staat hier?


 

4. Vouw een ruitjespapier in de lengte doormidden.

    Je tekent in de linkerkant  een huisje.

     Hiervoor heb je één minuut.

     Daarna wissel je de tekening met de tekening van je klasgenoot.

     Teken het spiegelbeeld van het huisje.


 

 

 

 

 

5. Wat staat hiernaast?

    Vertel het in je eigen woorden.


6. Waarom heeft deze brandweerauto de naam in spiegelschrift op de motorkap staan?